Geloven in vertrouwen

Nog nooit is er zoveel vertrouwen in me gesteld als toen ik in 2002 intrad bij de trappisten van Abdij Lilbosch. Ik telde meteen volwaardig mee. In een abdij doe je vanaf dag één hetzelfde als de anderen die er al jaren wonen. Zelfs als absolute beginner in het kloosterleven ben je meteen monnik. Er wordt niet gekeken waar je precies staat op je geloofsweg, maar: Luister! Ga op weg. Zoek God. En die opdracht zal tot de laatste dag in het klooster blijven klinken. En het mooie is, dat vertrouwen breidde zich ook uit naar andere gebieden. Waar zou je als 21-jarige zonder enige boerenervaring de verantwoordelijkheid krijgen over het melkvee? Hoewel ik het niet altijd aankon, en stomme fouten heb gemaakt, te koppig om hulp te vragen, heeft het me doen groeien in volwassenheid.

Ik heb niet altijd dat vertrouwen gevoeld op mijn levensweg in de Katholieke Kerk. Toen ik -na mijn uittreden- allerlei aspecten van het leven aan het ontdekken was die ik eerder had verwaarloosd, voelde ik me niet altijd aanvaard. Gelukkig was ik al zo aangeraakt door de Heer dat ik mij niet heb laten wegsturen, maar wat als mijn geloof nog niet zo geworteld was geweest?
Mijn geestelijk begeleiders uit de Franciscaanse traditie hielden me steeds voor: God houdt zoveel van je dat hij je neemt zoals je bent. En mijn begeleiders herhaalden deze uitspraak ook als ik dingen deed die ze niet begrepen, als ik een terugslag leek te hebben in mijn biddende leven of als ik tegen hun adviezen inging. Ook dan: God houdt zoveel van je dat hij je neemt zoals je bent. Maar de tekst gaat nog verder: Maar hij houdt teveel van je om je zo te laten. Dat vraagt vertrouwen van God en mijn begeleiders om mij op mijn eigen weg te laten gaan en van mij om mij door de Weg te laten vormen. Wie de Waarheid zoekt, zal het Leven vinden.

Daarbij moet ik ook denken aan Taizé, dat zichzelf wil zien als een Pelgrimage van vertrouwen. Dat vertrouwen spitst zich toe op de tienduizenden jongeren die er jaarlijks komen voor een bezinningsweek. Het zijn weken van stilte en ontmoeting. Elke dag zijn er drie meditatieve gebedsdiensten en ook houdt een broeder een bijbelinleiding, waarna iedereen in internationale groepen de inhoud verwerkt en vertaalt naar het eigen leven. Het wordt door velen als zeer verrijkend ervaren om zoveel verschillende perspectieven en manieren van christen zijn te ontmoeten.

In Taizé wordt er niet negatief gedaan, er wordt alleen maar positief gesproken. Zelfs in een verslag van zijn bezoek aan een oorlogsgebied dat ik ooit hoorde had prior Alois voornamelijk oog voor de lichtpuntjes van broederschap en menselijkheid. En toch wordt het daardoor geen zweverige feel-good-bedoening. De prior zoekt het conflictgebied immers bewust op en iedereen die een week in Taizé kampeert, dicht op elkaar, wordt geconfronteerd met heel wat aarding. Toch wordt het niet dichtgetimmerd met een enorme hoeveelheid gedragsregels.

De broeders van Taizé proberen daadwerkelijk dagelijks te wandelen in vertrouwen. Zo zag ik ooit dat in de keramiekwinkel – de enige inkomstenbron voor de gemeenschap zelf – een man een doos had ingepakt met olielampjes. Bij de kassa brak er lichte paniek uit. Die lampjes moesten toch echt een voor een worden nageteld. Totdat iemand zich herinnerde: Confiance! Vertrouwen! U zegt dat het er dertig zijn? Dan zijn het er dertig.

Tot het uiterste drijven de broeders het met de kleine tijdelijke gemeenschappen die vanuit Taizé worden uitgezonden. Drie jongeren uit verschillende landen die elkaar niet kennen gaan werken en leven op een plek ergens op de wereld. Er wordt van de deelnemende jongeren weinig gevraagd. Ze hoeven geen doopbewijs te overleggen, geen verklaring van goed gedrag, geen geloofsbelijdenis of eed van trouw. Het enige dat van ze wordt geëist is dat ze op die plek elke dag drie gebedsdiensten houden.

Dat vertrouwen betaalt zich uit, ervaar ik persoonlijk. Tijdens mijn eigen weken in Taizé ga ik steeds weer meer van onze Kerk houden. Juist omdat er ruimte is voor gebruiken uit andere tradities, straalt de schoonheid van de Katholieke Kerk des te meer. Het is voor mij dan ook niet verwonderlijk dat de gemeenschap van Taizé steeds katholieker wordt. Maar dan denk ik: Wat zou er met deze broeders en hun duizenden bezoekers gebeurd zijn als respectievelijke pausen op hun strepen waren gaan staan omtrent de Eucharistische praktijk van de gemeenschap? Als ze geen vertrouwen hadden gehad in dit specifieke zoeken van God?

Als leraar ben ik bekend met leertheorieën. Die gaan bijna allemaal uit van precies dat: vertrouwen. Zonder dat kan er geen overdracht van kennis zijn. Ze gaan uit van positieve bekrachtiging van wat er al goed is, meer dan van afstraffen wat er nog fout gaat. Niemand leert liefhebben van klappen. En bovenal kan niemand iets leren waar hij niet aan toe is. De leerling, maar ook de leraar, moet het doen met wie hij/zij is. In veel van zijn boeken vertelt Timothy Radcliffe, oud-magister van de Dominicanen, een parabel hierover: Iemand wilde naar Dublin. Hij vroeg aan een man de weg. Deze zei: “Dublin? Dan zou ik niet hier beginnen.”

Iedereen die zoekt en blijft zoeken naar de bron en/of zin van het leven, vanuit welke startpositie dan ook, zal uiteindelijk bij God uitkomen. Met dat geloof ben ik katholiek. Die belijdenis serieus nemen, betekent voor mij dat ik niemand probeer af te straffen op zijn/haar levensweg, maar bekrachtig wat al goed is. En vooral dat ik vertrouwen heb, in God, in de gemeenschap van zoekenden en in die mens die zo anders is dan ik. Ga op weg!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: